Tien procent van de chipmarkt, en toch de winstgevendste posities ter wereld

Semiconductor marktanalyse • Leestijd 7 minuten

Marktaandeel in omzet is de verkeerde meetlat voor Europa’s chipsector. Meet je winst per segment, dan zit Nederland juist op de waardevolste schakels van de keten.

Europa heeft tien procent van de mondiale halfgeleidermarkt in handen, en haalt volgens de Europese Rekenkamer de beoogde twintig procent in 2030 niet. Wie alleen naar marktomvang kijkt, mist het belangrijkste verhaal: binnen die tien procent zitten de winstgevendste monopolies van de hele halfgeleiderketen. En vrijwel allemaal in Nederland.

Een markt die verdubbelt, en een doel dat al is opgegeven

In 2024 was de wereldwijde halfgeleideromzet ongeveer 630 miljard dollar; in 2025 groeide die met ruim een kwart door naar bijna 800 miljard. Vrijwel de hele sprong komt uit AI-gedreven vraag: processoren voor rekencentra en vooral geheugen, waar HBM en server-DRAM zowel volumes als prijzen opjagen. Het geheugensegment groeit dit jaar naar raming met circa 250 procent, deels een prijshausse die ook weer kan afkoelen. Automotive, industrieel en consumentenelektronica blijven daar ver bij achter.

Europa stond in 2024 op circa tien procent van die markt. En omdat de explosie juist in geheugen en geavanceerde AI-logica zit, segmenten waar Europa vrijwel afwezig is, verdunt de hausse dat aandeel eerder verder dan dat ze het herstelt. Het officiële doel uit de EU Chips Act, twintig procent in 2030, werd door de Europese Rekenkamer in 2025 als onhaalbaar beoordeeld. Dat klinkt als slecht nieuws. Het is het niet.

De fout zit in de meetlat. “Tien procent van de wereldmarkt” suggereert dat Europa overal een beetje doet, en op twintig procent zou moeten zitten. De werkelijkheid is anders: Europa heeft in een paar deelsegmenten monopolieposities, en in andere segmenten precies nul aandeel. Wie naar die spreiding kijkt, ziet een hooggespecialiseerde speler die precies in de waardevolste hoeken van de keten zit.

Wat die tien procent verbergt

100%
Europees aandeel in EUV-lithografie
54%
Van de Europese winstpool zit bij equipment, op 34% van de omzet
ruim 50%
Van de omzet van Europa’s top 25 is Nederlands

Splits het Europese marktaandeel uit naar deelsegment, en het beeld kantelt. In EUV-lithografie (extreem-ultraviolet), de machines die de fijnste chippatronen op de wafer projecteren, heeft Europa honderd procent wereldwijd marktaandeel. Die volledige monopolie zit bij één bedrijf: ASML in Veldhoven; in lithografie breed, inclusief de oudere DUV-generatie (diep-ultraviolet), ligt ASML’s aandeel rond negentig procent. In atomic layer deposition (ALD), de techniek om ultradunne laagjes op chips aan te brengen, heeft Europa ongeveer 55 procent, grotendeels via ASM International in Almere. In advanced-packaging-apparatuur, de groeicurve die nu op het kantelpunt zit, ongeveer 40 procent, met Besi in Duiven in de hoofdrol.

De blinde vlekken liggen aan de andere kant van de keten. In advanced logic, de meest geavanceerde chips onder 5 nanometer, is het Europese aandeel nul; in geheugen (DRAM/NAND) blijft het op twee procent. In die twee sementen doet Europa vrijwel niet mee. Foundry-capaciteit, de fabrieken die chips voor derden maken, is met acht procent zwak maar niet afwezig. Het zijn precies de segmenten waar Taiwan, Zuid-Korea en de Verenigde Staten domineren, en waar Europa volgens de Chips Act terrein zou moeten winnen.

Infographic EU domineert de chipapparatuur Afbeelding 1: EU domineert chipapparatuur

Waar zit de winst écht?

De totale EBIT-pool (ook wel profit pool of value pool genoemd en is de totale hoeveelheid operationele winst (EBIT – Earnings Before Interest and Taxes) die te verdelen of te behalen valt in een bepaalde markt) van de Europese halfgeleidersector bedroeg in 2024 ongeveer 21,2 miljard euro, en die winst concentreert zich in enkele schakels.

Equipment (ASML, ASMI, Besi, AIXTRON) draagt naar schatting 54 procent van de totale EU-EBIT-pool, terwijl het maar 34 procent van de Europese halfgeleideromzet vertegenwoordigt. De EBIT-marge ligt gemiddeld rond 30 procent, oplopend tot ruim 32 procent bij ASML. Front-end manufacturing, de waferfabrieken zelf, is goed voor 16 procent van de omzet maar slechts 7 procent van de EBIT-pool, bij een EBIT-marge van ongeveer 8 procent. Dit is het segment waar de meeste Chips Act-middelen heen gaan, terwijl het structureel de laagste ROIC in de keten heeft.

IDM’s (geïntegreerde producenten zoals Infineon, STMicro, NXP, Nexperia) dragen 17 procent van de EBIT-pool op 25 procent van de omzet, solide maar niet uitzonderlijk. Materials & wafers dragen 8 procent. EDA & IP, photonics en compound semi zijn samen goed voor ongeveer 14 procent van de EBIT-pool, met veel vroeg-commerciële technologie waarvan de marges nog vorm krijgen.

Infographic winst EU chipmarkt concentreert zich in apparatuur en niet in fabrieken
Afbeelding 2: Winst concentreert zich in apparatuur, niet in fabrieken

Drie kwart van Europa’s halfgeleiderwinst zit in een kwart van de keten. En dat kwart ligt grotendeels in Nederland.

De Veldhoven–Almere-as als rendabelste vierkante kilometer

Van de top-25 Europese halfgeleiderbedrijven heeft Nederland naar schatting ruim de helft van de gezamenlijke omzet in handen. De top vijf binnen Nederland (ASML, NXP, ASMI, Nexperia, Besi) telt in 2024 op tot ruim 45 miljard euro aan omzet, ongeveer 97 procent van de totale Nederlandse halfgeleideromzet.

Drie van die vijf bedrijven, ASML, ASMI en Besi, zitten in de equipment-hoek met EBIT-marges tussen 28 en 32 procent. Dat is geen toeval, maar het resultaat van decennia diepe specialisatie in technologie waar IP-bescherming, klantbinding en schaalvoordelen samenkomen. Drie bedrijven die structureel hun kapitaalkosten ruim verslaan; in deze diagnose classificeren we ze als de enige consistente monopolisten van de hele Europese halfgeleidersector.

Infographic hoogste marges chipmarkt in NL zitten bij apparatuurmakers
Afbeelding 3: De hoogste marges in de NL top-5 zitten bij de apparatuurmakers

Eén naam uit die top vijf laat intussen zien hoe strategisch deze posities worden gewogen: Nexperia. Toen Amerikaanse exportregels het bedrijf eind september 2025 via moederbedrijf Wingtech raakten, greep Den Haag dezelfde dag in op grond van de Wet beschikbaarheid goederen, waarna de Ondernemingskamer de Chinese topman schorste en vrijwel alle aandelen bij een onafhankelijke beheerder plaatste; begin 2026 beval zij bovendien een onderzoek naar de gang van zaken. De zaak loopt door, met tegenprocedures tot in China aan toe, en de tijdelijke Chinese exportbeperkingen die volgden maakten voelbaar hoezeer de Europese auto-industrie aan zulke schakels hangt.

De geografische clustering is even opvallend. De Nederlandse halfgeleidersector concentreert zich in twee corridors: Veldhoven–Eindhoven (ASML, NXP, het photonics-ecosysteem) en Almere–Duiven–Twente (ASMI, Besi, photonics-spelers als LioniX en PHIX). Buiten die twee corridors gebeurt relatief weinig. Maar binnen die corridors zit het meest geconcentreerde halfgeleiderecosysteem van Europa, gemeten in winst per vierkante kilometer waarschijnlijk wereldwijd nummer één.

Wat deze scheefstand betekent voor Nederlandse innovators

Voor bedrijven en R&D-leiders die in deze sector actief zijn of leverancier willen worden, geeft de scheefstand tussen marktaandeel en winst een aantal concrete handvatten.

Eén: ga niet de zichtbaarheid achterna. De grote Chips Act-aankondigingen gaan over fabrieken. Lintjes worden doorgeknipt bij ESMC Dresden, Infineon Smart Power Fab en STMicro’s SiC-fabriek in Catania. Maar die plekken, hoe strategisch ook, zijn niet waar de hoogste EBIT-marges zitten. De echte margepool zit bij equipment, advanced packaging en specialty design.

Twee: de toeleverketen rond de Nederlandse monopolisten is structureel ondergewaardeerd. Voor mkb’ers met expertise in mechatronica, vacuümtechnologie, precisieonderdelen, optische systemen of metrologie ligt een interessante kans in Tier 2- en Tier 3-leverancierschap bij ASML, ASMI en Besi. VDL ETG laat zien wat dit op schaal kan worden. Voor R&D-intensieve bedrijven valt veel van dit werk binnen de definities van WBSO en de Innovatiebox, en sluiten Europese instrumenten als Horizon Europe en de Chips Joint Undertaking aan op leverketen-innovatie.

Drie: kijk goed waar de S-curves staan. Advanced packaging, en specifiek hybrid bonding, zit nu op een vergelijkbaar moment als EUV-lithografie rond 2015: bewezen technologie, vroege volumes, beperkte concurrentie. Het Nederlandse photonics-cluster zit nog eerder op de S-curve, maar heeft een unieke positie: Eindhoven en Twente vormen samen een van de meest geïntegreerde PIC-ecosystemen van Europa, met ruim een miljard euro aan gemobiliseerd kapitaal via het Nationaal Groeifonds-programma PhotonDelta en een pilotfabriek in aanbouw op de High Tech Campus Eindhoven.

Vier: de geografische “value leak” is nadelig voor Europa, maar gunstig voor wie binnen Nederland actief is. Nederland trekt naar schatting slechts acht procent van het EU-halfgeleiderkapitaal aan, maar staat in deze diagnose voor ongeveer een derde van de Europese economic profit. Voor late-stage scale-ups en Tier 2-toeleveranciers hebben lokale instrumenten met een open loket, zoals de MIT-regeling, de MKB Hightech Call van Holland High Tech, Eurostars en de EIC-programma’s van Horizon Europe, naast regionale routes via Brainport en OostNL  daardoor relatief een grotere hefboom dan in landen die al overspoeld zijn met fab-kapitaal.

Slotbeschouwing – meten waar het écht telt

De les is simpel: winst per segment is de meetlat die telt, en de plek om te staan is rond de schakels waar Nederland al wint. Voor innovators en scale-ups betekent dat: bouw mee aan de toeleverketens rond de monopolisten, en gebruik R&D-instrumenten als de WBSO en de Innovatiebox als fundament, met daarbovenop gerichte programma’s als NXTGEN Hightech, IPCEI, Horizon Europe en de Chips Joint Undertaking, die juist op de winstgevende segmenten mikken.

Contact

Meer weten over dit artikel? Neem contact op met de auteur. Vul uw gegevens in: