Mijn Hezelburcht Menu

EU voorstel R&D superaftrek

Binnen Europa zijn er diverse fiscale regelingen beschikbaar die het bedrijfsleven stimuleren. Deze maatregelen dienen niet alleen om R&D aan te jagen, maar worden ook vaak gebruikt in de onderlinge strijd van lidstaten om een zo interessant mogelijk vestigingsklimaat voor ondernemers te creëren. Als gevolg is er een interne Europese markt ontstaan waar bedrijven kunnen ‘shoppen’ naar het meest gunstige belasting- en stimuleringsklimaat. Afgelopen jaar leidde dit tot discussie tussen Brussel en enkele lidstaten, wat resulteerde in naheffingen. Denk aan Starbucks in Nederland en Apple in Ierland.  Hoewel ondernemers de afspraken direct met lidstaten maken en daardoor niet in overtreding zijn, ziet de EU dit als oneerlijke concurrentie. De conclusie is dat er vraag is naar harmonisatie. Een direct merkbaar gevolg in Nederland is de aanscherping van het Innovatiebox instrument.

Het belastingklimaat in Europa vraagt dus om eenduidig beleid om oneerlijke concurrentie tussen landen te voorkomen. In een conceptversie van de ontwerprichtlijn stelt de EC een superaftrek voor uitgaven aan R&D voor. Uitgaven die al meelopen in de normale bedrijfskosten mogen ondernemingen nog eens voor 50% aftrekken van de belastbare winst. Voor R&D-uitgaven boven € 2 miljoen geldt een aftrek van 25%. Start-ups mogen de kosten tot € 20 miljoen twee keer van de winst aftrekken.

Het voorstel van de EC staat haaks op de insteek van de Nederlandse overheid. In 2016 zijn de WBSO en RDA (Research & Development Aftrek) namelijk samengevoegd tot één regeling. Reden hiervoor was dat een evaluatie van de RDA liet zien dat de vormgeving van de regeling de effectiviteit benadeelde. Allereerst hadden ondernemers vooraf geen zekerheid over het exacte fiscale voordeel van de RDA. Daarnaast was het voordeel pas te verzilveren na afloop van het investeringsjaar, of soms zelfs nog later. Tot slot kon de RDA vanwege de internationale accountingsregeling niet als gegarandeerde kostenverlaging worden ingeboekt.

Einde van de deelnemersvrijstelling

Naast de introductie van de superaftrek maakt het voorstel van de EC een einde aan de deelnemingsvrijstelling in haar huidige vorm. Momenteel moet het belang van Nederlandse ondernemingen in een buitenlandse deelneming minimaal 5% zijn. De EC wil dit belang verhogen naar ten minste 10%. De deelname moet daarnaast minimaal een jaar zijn gehouden voordat de behaalde winst van een dochter in aanmerking komt voor de vrijstelling.

Brexit vergroot de slaagkans van het voorstel

In 2011 publiceerde de EC al een voorstel om het belastingstelsel binnen Europa te harmoniseren. Toen zonder succes. Het Verenigd Koninkrijk en Nederland waren fel tegen het voorstel. Door de Brexit lijkt er echter een belangrijke factor die deze harmonisatie tegenhield weg te vallen. De slaagkans van het voorstel is dit keer vele malen hoger.

De plannen van de EC zitten momenteel in de conceptfase. Hezelburcht houdt het voorstel en de discussie daaromtrent scherp voor u in de gaten.